Dag 94: woensdag 23 juli 2008: Monastir: Tunesië.
Monastir is een van de oudste nederzettingen van Tunesië; al in de 10de eeuw voor Chr. Hadden de Feniciërs hier een handelscentrum.
Wat ons het eerste opviel, was de enorme Ribat: een vesting stammende uit het jaar 796. In de Ribat leefden soldaten teruggetrokken in de geest van de islam en verdedigden de door piraten en Europese machten bedreigde kusten van het islamitische rijk.
Uit deze tijd is echter nauwelijks nog iets bewaard gebleven en het huizenbestand werd voortdurend veranderd.
Ten noordwesten van de Ribat en aan de port Port de Plaisance verheft zich het monumentale mausoleum van de familie Bourguiba. Toen het in 1963 gebouw werd, moest een deel van de oude islamitische begraafplaats, waarvan de eenvoudige grafstenen teruggaan tot in de 12de eeuw, ervoor wijken.
De wind bleef N. huilen dus in de neus met een sterke deining, en dan was een bezoekje aan Sousse: een woelige stad, ons alternatief. Met de trein, een makkie en goedkoop, maar niet al te proper.
Twee belangrijke bouwwerken van de medina trokken onze aandacht: de Ribat, met wachttorens op elke hoek en de Grote Moskee. Deze maakte oorspronkelijk deel uit van het verdedigingssysteem van Sousse en werd in 850 gebouwd.
De Soek heeft met zijn smalle winkelstraatjes, de geuren van geheimzinnige essences en kruiden, het uitnodigend geroep van de verkopers, iets fascinerends.
Ontelbare souvenirwinkeltjes domineren de omgeving van de Ribat en de vriendelijke verkopers weten hoe ze de bezoekers moeten binnenlokken.
Aan de levendige fruit-, groenten- en vismarkt kun je niet weerstaan.
’s Avonds gingen we bij Marc, een Belgische solozeiler met hond Senna, reeds enkele jaren onderweg, iets drinken.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten